• C6-Chambord.jpg
  • aareschlucht.jpg
  • zwitserland.jpg

Van Traction Avant naar C6

Toen ik als klein mannetje achter in de Daf 55 van mijn vader zat kwamen we met regelmaat de oer Citroën in het wild tegen, de Citroën Traction Avant. Ik riep toen altijd dat als ik later groot zou zijn ik zo’n auto wilde hebben.

Jaren gingen voorbij en toen ik eindelijk 18 jaar werd kocht ik mijn eerste Traction Avant. Deze heb ik toen helemaal uit elkaar gehaald in de garagebox van mijn vader. Zijn mooie Daf moest vanaf dat moment buiten slapen. Alle onderdelen verdwenen in het ouderlijk huis, zodat de familie als het ware tussen de onderdelen in woonde. Ook de witte lakens van mijn moeder waren niet veilig. Daarop stalde ik de onderdelen van de motor uit die ik eraf haalde. Ik begon dan links bovenaan met het eerste onderdeel om het volgende onderdeel daarnaast neer te leggen. Zo vulde ik het hele laken. Toen de motor weer in elkaar gezet moest worden deed ik dat in omgekeerde volgorde. Het grote voordeel van dit systeem voor mij was dat ik nooit iets over hield.

In deze periode ben ik besmet geraakt met het Citroën virus. Uiteindelijk was de Traction in 1987 klaar. Ik had de zwarte Traction wit gespoten en van binnen bekleed met een grijze veloursstof, wat ik zelf erg mooi vond. Ik had deze keuze gemaakt omdat ik er geld mee wilde verdienen als bruidsauto om deze dure hobby te bekostigen. Ik zat immers nog op school toen ik er aan begon. Helaas waren de reacties bij de Traction club minder enthousiast.

Twee jaar later kocht ik mijn eerste Citroën DS. Dit was, bleek later, een ambassadeauto van de Belgische ambassade. Ik kocht hem omdat hij zwart was en binnen mijn budget paste. Ik heb er misschien een jaar in gereden en heb hem toen ergens weggezet omdat er te veel aan mankeerde en ik het geld er niet voor had om de auto goed aan te pakken. Ik kocht dus een andere die beter zou zijn. Dat bleek helaas ook niet het geval zoals veel DS-en in die tijd. Dus toen deze ook maar uit elkaar gehaald en geheel gerestaureerd in de loop der jaren.

Van lieverlee kwamen er ook steeds meer mensen die ik moest helpen met hun DS op de weg te houden, de hobby begon wat uit de hand te lopen. Inmiddels was mijn wagenpark ook aardig gegroeid. Naast de Citroëns had ik ook Cadillac’s, Jaguar, Mercedes en zelfs een Opel. Gek genoeg reed ik als dagelijkse auto altijd Renault. 

En toen gebeurde het. De Citroën C6 kwam uit. Een goede vriend had de eerste Citroën C6 in Nederland gekocht, afgezien van de twee ministers die hem voor gingen. Toen de auto werd afgeleverd kwam hij direct naar mij toe en mocht ik er in rijden. Ik had toen dezelfde gedachte als een kleine 50 jaar geleden achter in de Daf 55 van mijn vader. Als ik later groot ben wil ik een C6!

Inmiddels rijd ik in mijn tweede C6 rond, een zwarte met crème interieur en getinte ramen. Zou ik onbewust de reïncarnatie hebben gekocht van de zwarte ambassade DS die ik ooit in bezit had?

Afdrukken E-mail

Je bent hier

Language (2)

Search (2)